Arbeidsmigranten moeten behandeld worden als gelijkwaardige en volwaardige deelnemers van onze samenleving. De overheid moet haar regelgeving daar beter op inrichten en een actievere rol nemen in de bescherming van arbeidsmigranten, op het gebied van werk, huisvesting en zorg en het verbeteren van het zicht op de arbeidsmigranten in Nederland.
Eén van de grootste knelpunten daarin is de beperkte taalvaardigheid onder arbeidsmigranten. Het verbeteren van taalvaardigheid is voor arbeidsmigranten over het algemeen niet vanzelfsprekend. Het is niet zo dat arbeidsmigranten altijd ongemotiveerd zijn om een nieuwe taal te leren; ze hebben doorgaans lange werkweken en leveren vaak zwaar, fysiek werk. Ze hebben er over het algemeen dus vooral weinig tijd en energie voor.
Met deze challenge zijn we daarom op zoek naar creatieve, innovatieve oplossingen die arbeidsmigranten prikkelen en ondersteunen om de Nederlandse taal te leren
Over ons
Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid werkt aan eerlijk, gezond en veilig werk in Nederland. Iedereen moet de kans krijgen om mee te doen en zich te ontwikkelen. Mensen moeten zelf kunnen bijdragen aan hun eigen toekomst. Als het tegenzit zorgen we voor een vangnet, en als je met pensioen gaat voor een inkomen. Dat kan alleen in een land waar mensen er voor elkaar zijn.
De afdeling Arbeidsvoorwaarden en Arbeidsmigratie van het ministerie van SZW werkt aan het verbeteren van de positie van EU-arbeidsmigranten in Nederland. Het team focust zich voornamelijk op de misstanden onder EU-arbeidsmigranten in Nederland. Een van de taken is om de aanbevelingen van het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten te implementeren.
Waar zijn we naar op zoek?
We zijn op zoek naar een creatieve, innovatieve oplossing die arbeidsmigranten prikkelt en ondersteunt om de Nederlandse taal te leren.
We zijn voor dit vraagstuk met name geïnteresseerd in oplossingen die zich richten op arbeidsmigranten die langdurig (langer dan 2 jaar) in Nederland verblijven. Deze EU-arbeidsmigranten komen voornamelijk uit Polen, Bulgarije en Roemenië. Momenteel zijn er ongeveer 600.000 EU- arbeidsmigranten in Nederland, waarvan verreweg het grootste deel van binnen de EU afkomstig is.
- De oplossing moet uiteindelijk gebruikt worden door de doelgroep zelf: arbeidsmigranten hebben in het vergroten van taalvaardigheid een bepaalde eigen verantwoordelijkheid.
- Arbeidsmigranten hebben doorgaans lange werkweken. Het werk is over het algemeen fysiek zwaar. Daardoor hebben ze aan het eind van een werkdag over het algemeen weinig energie en tijd om een nieuwe taal te leren. Daarmee dient in de oplossing rekening gehouden te worden.
- Waar ook rekening mee gehouden kan worden is de rol die werkgevers hebben: zij hebben uiteindelijk ook profijt van een werknemer met wie ze goed kunnen communiceren. Er zijn in bepaalde sectoren (o.a. vleesindustrie) enkele voorbeelden van situaties waarbij werkgevers al proactief taaltrainingen aanbieden, maar dat zijn uitzonderingen.
Naast specifiek arbeidsmigranten zijn er ook andere doelgroepen waarbij een beperkte taalvaardigheid momenteel de oorzaak is van het niet volwaardig mee kunnen doen aan de Nederlandse maatschappij. Denk daarbij aan kennismigranten, statushouders/vluchtelingen, analfabeten of Nederlanders met een migratieachtergrond die de Nederlandse taal niet machtig genoeg zijn. Een oplossing zou extra waardevol zijn als het naast arbeidsmigranten ook andere doelgroepen zou kunnen bedienen.
Tijdens het programma kunnen we werken naar zowel een prototype van een dienst of een uitgewerkte pilot, daarin laten we ons niet beperken. Daarnaast staan we ook open voor bestaande oplossingen die zijn afgeleid van bijvoorbeeld bestaande technologie, maar dat specifiek op dit vraagstuk toegepast kan worden.
Waar zijn we niet naar op zoek?
- Oplossingen die al sterk lijken op bestaande applicaties als Duolingo of Google Translate;
- Opleidingsprogramma’s van bestaande (commerciële) taalbureaus.
Wat is er te winnen?
- Een begeleidingstraject van 5 maanden waarin jullie zowel de oplossing als de onderneming naar een hoger niveau kunnen tillen.
- Toegang tot het netwerk van de overheid.
- Een innovatiebudget van maximaal €25.000.
- Een kans op een vervolgopdracht bij een succesvolle pilot/prototype.
Over het SiR Intergov programma
De geselecteerde startups volgen een op maat gemaakt begeleidingstraject van vijf maanden dat bestaat uit drie onderdelen:
- Challenge support - Een gekwalificeerde mentor ondersteunt de startup en opdrachtgever tijdens het opzetten van een pilotproject. In ‘deep dive’-sessies leren de startup, mentor en opdrachtgever elkaar kennen. Afspraken en milestones worden bijgehouden en ondertekend door alle partijen.
- Startup support - We bieden een trainingsprogramma die ondernemingen helpt om zich verder te ontwikkelen. Dit is inclusief de lean startup methode, customer journeys, financiën, juridische structuren, bestuur en een groeistrategie. De trainingen worden verzorgd door professionele trainers, coaches en ondernemers.
- Overige ondersteuning - Vanuit de overheid worden er diverse optionele trainingen en workshops georganiseerd, zoals ‘hoe werkt de overheid’, ‘data en ethiek’ en ‘financieringsmogelijkheden binnen de overheid’. Het Startup in Residence team heeft een faciliterende rol en zorgt ervoor dat alles soepel verloopt.
Meer over de selectieprocedure lees je in volgend PDF.
Timeline
- Lancering: maandag 21 maart
- Info meetup: maandag 11 april van 16:00 tot 17:00 uur (niet verplicht)
- Deadline vragen stellen: tot 7 dagen voor de deadline (uiterlijk donderdag 5 mei)
- Deadline insturen aanmelding: donderdag 12 mei 17:00 uur
- Eerste selectiebesluit: woensdag 25 mei 17:00 uur
- Week pitchrondes: week van 6 juni
- Deadline indienen voorstel: vrijdag 24 juni 17:00 uur
- Gunningsbeslissing: dinsdag 19 juli
- Zomerperiode
- Startup in Residence periode: september 2022 - januari 2023
Achtergrondinformatie
Taalvaardigheid is niet alleen belangrijk om makkelijker te communiceren met de Nederlandse bevolking, maar ook tussen groepen arbeidsmigranten onderling. Bijvoorbeeld om misstanden op het werk aan te kunnen kaarten of contact te zoeken met buurtgenoten en overheidsinstanties. Ook kunnen ouders beter communiceren met de leraren op school en kunnen mensen zorg krijgen waar ze recht op hebben. Kortom: het beheersen van de Nederlandse taal kan de kwaliteit van leven op de diverse leefdomeinen aanzienlijk verbeteren. Migranten kunnen door het leren van de taal volwaardige burgers worden van de Nederlandse samenleving.
Uit het Arbeidsmigrantenpanel ’Share my Voice’ blijkt dat arbeidsmigranten grote behoefte hebben aan meer contact met Nederlanders. Van de ondervraagde EU-arbeidsmigranten voelt minder dan de helft zich hier momenteel thuis. 51% van de EU-arbeidsmigranten gaven aan dat ze in de toekomst in Nederland willen blijven wonen. In de overweging om te blijven is de mate waarin men zich thuis voelt in Nederland net zo belangrijk als goede baankansen en salaris. Slechts een kwart van de arbeidsmigranten voelt zich betrokken bij de buurt, dorp of stad waarin ze wonen.
- Taal, informatie, huisvesting en vertrouwen maken arbeidsmigranten weerbaar | Kennisplatform Inclusief Samenleven (kis.nl)
- Nieuwe KIS-brochure over succesvolle participatie EU-arbeidsmigranten | Kennisplatform Inclusief Samenleven
Samenwerken
Door samen op te trekken met alle betrokken stakeholders kunnen pas echt de misstanden onder EU-arbeidsmigranten worden opgelost. Door samen te werken willen we de EU-arbeidsmigrant centraal stellen en kunnen we misstanden integraal aanpakken. Als ministerie maken wij het beleid en voeren de gemeenten dit uit. Vervolgens signaleren de toezichtorganisaties, zoals de inspectie of de vakbond de misstanden onder de EU-arbeidsmigranten. Daarom is het cruciaal dat we een keten hebben waar al deze genoemde partijen effectief met elkaar samenwerken. Dit biedt de kans om samen grondig de misstanden te bestrijden door gebruik te maken van alle beschikbare middelen van alle
- Gemeenten staan vaak het dichtst bij de burger. Daarom dient de gemeente het eerste aanspreekpunt te zijn voor een burger als er iets misgaat. Hierbij dienen de gemeenten het lokale beleid zodanig in te richten dat ook de EU-arbeidsmigranten gebruik kunnen maken van de gemeentelijke voorzieningen. Daarbij kunnen de EU-arbeidsmigranten bijvoorbeeld worden gewezen op hun rechten en plichten, op het gebied van werk, zorg en huisvesting.
- Werkgeversorganisaties kunnen de oren en ogen zijn van SZW. Met de inzichten van de werkgeversorganisaties kunnen we achterhalen waar werkgevers tegen aanlopen bij het in dienst hebben van EU-arbeidsmigranten. Daarnaast kunnen we de werkgeversorganisaties aanspreken op goed werkgeverschap, en dat ze dit ook overbrengen naar hun leden.
- Werknemersorganisaties kunnen bij SZW de misstanden onder EU-arbeidsmigranten aankaarten. Met deze informatie kunnen we door samen te werken met de vakbonden beter in kaart brengen waar de EU-arbeidsmigrant dagelijks mee worstelt.
- Met de uitzendbranche kunnen afspraken worden gemaakt over het leveren van taalcursussen aan de EU-arbeidsmigranten.
- Stichting lezen en schrijven kan inzicht bieden hoe deze doelgroep de taalintegratie ervaart.